• White LinkedIn Icon
  • Facebook Clean
  • White Instagram Icon
  • Twitter Clean

​© 2018 Mary Benjamins

Tussen Java en Fryslân

Ik ben geboren en getogen in Leeuwarden. Als kind bracht ik veel tijd door bij mijn pake en beppe (Friese opa en oma van mijn moeders kant) in het noordoosten van Friesland. Vanaf hun dorp Ternaard was de Waddenzee op loopafstand. Deze wandeling maakten we vaak. Het vlakke weidse Friese landschap heeft mij nooit meer losgelaten. Nog altijd ga ik een paar keer per jaar terug en loop ik voorbij de slaper, gaper en de waker naar zee.

 

Magie in de donkere kamer

Mijn fascinatie voor beeld begon toen ik op mijn elfde van mijn vader, amateurfotograaf, een – analoge – fotocamera van het merk Exakta kreeg, zo eentje waar fotorolletjes in moeten en je het diafragma en de sluitertijd handmatig instelt. Mijn vader leerde me ook foto’s af te drukken in zijn zelfgebouwde doka op zolder. Het magische moment dat de contouren van de foto langzaam opdoemen in het ontwikkelbad, herinner ik me nog goed. 

 

Roots  

Mijn Indische grootvader (van vaders kant) heb ik niet echt gekend, hij overleed toen ik twee was. Toen ik me verdiepte in de Indische geschiedenis van mijn familie, ontdekte ik dat we een aantal overeenkomstige interesses delen. Hij speelde gitaar en viool, fotografeerde, schilderde en organiseerde altijd feestjes. Mijn grootvader leerde mijn vader gitaar spelen, mijn vader leerde het mij en ik leerde het op mijn beurt aan mijn kinderen. Toen ik zijn super-8- camera (inclusief projector en filmplakpersje) op zolder ontdekte, begon voor mij de ‘fascinating world of moving images’. 

Onze Indische geschiedenis schreef ik later op in een familieboek. Ik wilde die kant van mijn roots onderzoeken en inzichtelijk maken voor mijn kinderen.

 

Reizen  

Na mijn middelbare school had ik geen vastomlijnd plan over wat ik verder met mijn leven wilde. Omdat ik het heerlijk vond in mijn eentje op avontuur te gaan en omdat ik geïnteresseerd was in andere culturen, ging ik reizen. Totdat mijn moeder mij een brief stuurde waarin ze me aanraadde de opleiding tot verpleegkundige te doen. Dan kon ik overal ter wereld werken. 

 

Verpleegkundige

Terug in Nederland begon ik met de opleiding HBO-Verpleegkunde in Leiden. Deze bleek veelzijdiger dan ik dacht. Verplegen bestaat niet alleen uit het verzorgen van zieke mensen. Hoewel dit aspect mij aansprak vanwege het persoonlijke contact met en de levenslessen van zieke mensen, was er nog iets wat me trok: in complexe zorgsituaties moeten verpleegkundigen snel kunnen handelen, analyseren, risico’s inschatten en goed communiceren met allerlei mensen in een organisatie. Dit sloot goed aan bij mijn persoonlijkheid: ik heb het altijd leuk gevonden om initiatief te nemen en te organiseren. Vooral als ik dit kan inzetten om situaties van kwetsbare mensen te verbeteren. Ik werk het liefst dicht bij mensen.  

 

Nicaragua  

Omdat het verlangen naar onbekende avonturen mij nog in het bloed zat, wilde ik in mijn laatste opleidingsjaar stage lopen in het buitenland. Dit was niet gebruikelijk, toch lukte het. Het werd Nicaragua voor een periode van tien maanden. Ik nam een videocamera mee zodat ik films kon maken in plaats van stageverslagen te hoeven schrijven. Het was een groot leerzaam avontuur. Mijn eerste stageplek was in een plattelandskliniek. De dag begon met het zoeken van hout voor het maken van een vuur om in een grote pan spuiten uit te koken om deze te steriliseren. Ook liep ik stage in een vrouwenkliniek, een psychiatrisch ziekenhuis, een verpleeghuis en een zorginstelling voor mensen met een verstandelijke handicap.

Terug in Nederland ging ik op zoek naar faciliteiten voor videomontage om een film samen te stellen uit al het gefilmde materiaal. Gelukkig was de audiovisuele dienst van het Academisch Ziekenhuis Leiden bereid te helpen. In de avonduren mocht ik gebruikmaken van hun montagesets. Hier kon ik puzzelen met scènes en verhaallijnen om uiteindelijk vijf films over de gezondheidszorg in Nicaragua te realiseren.

 

Op de bres voor het verpleegkundig vak

Na mijn diplomering werkte ik als verpleegkundige via uitzendbureaus op verschillende plekken in Amsterdam: de methadonbus van de GG&GD, de wijkverpleging en het verpleeghuis. 

In 1988 raakte ik betrokken bij de oprichting van de verpleegkundige actiegroep VVIO (Verpleegkundigen en Verzorgenden In Opstand). Inmiddels is de VVIO omgezet in de verpleegkundige beroepsorganisatie NU’91. De VVIO streed voor meer waardering voor het verpleegkundig vak. Ik hield me bezig met de opzet van de interne organisatie, communicatie en maakte verschillende films om de ideeën kracht bij te zetten.

 

Verpleging & Media

De wens me verder te ontwikkelen als filmmaker bleef door mijn hoofd spelen. Daarom zocht ik naast mijn verpleegkundige werk een tweede baan in de avonduren als baliemedewerker bij curcuscentrum “Open Studio”. Naast mijn baliewerk volgde ik er allerlei cursussen op het gebied van film.

Tot mijn grote geluk kon ik daarna een jaar aan de filmacademie in Amsterdam verder studeren in de richting van programma maken. Vervolgens deed ik de opleiding Scenario Documentaire aan de Media-academie in Hilversum.

Hierna richtte ik de stichting Verpleging & Media op ter verbetering van het imago van de verpleging. Tegenover het eenzijdige beeld van het verpleegkundig beroep wilde ik de veelzijdige deskundigheid ervan zichtbaar maken. Ik realiseerde diverse filmprojecten. Ook startte ik met Verpleeg-TV, een programma met een verpleegkundige blik op de actualiteit.  

 

Erwin Olaf en de VPRO  

Naast het maken van opdrachtfilms voor de verpleging begon ik te werken als producer/manager voor andere filmers, fotografen en kunstenaars, zoals Erwin Olaf en de VPRO. Van Erwin Olaf leerde ik dat een beeld sterk(er) wordt als het een doordacht concept heeft, waarbij alle details die in beeld zijn een eigen betekenis hebben.

Het productievak leerde ik bij de VPRO van Ineke van Gulik: organisatietalent bij het werken met mensen, financiën en technische middelen is van groot belang. Ook anticiperen op alle soorten mogelijke problemen is essentieel, want een filmdag met crew en cast is kostbaar, waardoor je je geen oponthoud kunt permitteren. We werkten voor semi-live TV-shows van Paul Haenen en allerlei speelfilms.

Ook deed ik regelmatig werk als locatiemanager. Ing Lim en Paul Marbus leerden me de kneepjes van dit vak. Voor mijn latere werk als festivalproducer is dit een goede leerschool gebleken. Ik leerde wat er nodig is als je buiten een studio op locatie filmt, zoals een weiland, een boerderij of een verkeerskruispunt midden in een stad. Het gaat dan om zaken als vergunningen aanvragen, buurtbewoners en politie inlichten, stroom en water regelen op plekken waar geen aansluitingen zijn.   

 

Kunstbende

In de periode dat mijn kinderen jong waren, wilde ik graag een baan met regelmatige werktijden. Zo werkte ik een aantal jaar op het landelijk bureau van de Kunstbende. Nog steeds vind ik dit een prachtig en belangrijk initiatief: jongeren van 13–19 jaar worden gestimuleerd zich met zelfgemaakte kunstvormen (van muziek en dans tot fashion en DJ) in wedstrijdverband op een professioneel podium te manifesteren. Ik coördineerde dertien provinciale regiokantoren en produceerde het landelijke finalefestival in muziekcentrum Vredenburg te Utrecht.

 

Ruigoord

Na de Kunstbende werkte ik als zakelijk leider bij Stichting Landjuweel in Ruigoord. Het was een spannende tijd. Deze kunstenaarsgemeenschap, in de jaren 70 neergestreken in het leegstaande idyllische dorpje Ruigoord, was 30 jaar lang door de gemeente gedoogd en moest nu óf ophouden te bestaan en plaatsmaken voor havenindustrie, óf transformeren naar een heuse gesubsidieerde culturele instelling. We gingen voor het laatste. Ik werd de eerste zakelijk leider en het was mijn taak de gemeenschap die niet gewend was aan (en voor een groot deel ook niet gediend was van) papierwerk en regelgeving, te begeleiden bij het maken van festivaldraaiboeken, het aanvragen van evenementvergunningen en het verantwoorden van subsidiegelden.

In de periode dat ik in Ruigoord werkte ben ik onder de indruk geraakt van verschillende kunstenaars die in hun atelier, verscholen in het riet, werkten. In 2009 kreeg ik de kans enkele filmportretten over een aantal van hen te maken voor een expositie over de jaren 60 in het Amsterdam Museum.   

Ik heb Ruigoord nog niet los kunnen laten. Momenteel ben ik bezig met een lange documentaire over de geschiedenis van het dorp, en wel door de ogen van Margrid van der Linden, Ruigoorder van het eerste uur en chroniqueur van de avontuurlijke reizen van het Amsterdams Ballon Gezelschap. Ook ben ik regelmatig in het dorp om nieuw werk van de kunstenaars te bekijken en om te genieten van de poëzie- en jazzmiddagen in de kerk. Mijn vakantie plan ik altijd zo dat ik deelgenoot kan zijn van de jaarlijkse theatrale processie rondom middernacht tijdens de volle maan in juli of augustus. 

 

Filmmaker & contentmanager

In 2005 wilde ik me fulltime richten op het schrijven en regisseren van films. Ik begon voor mezelf als onafhankelijk filmmaker. Alles wat ik geleerd had bij het faciliteren van andere filmmakers en kunstenaars, kon ik nu toepassen op mijn eigen films. In de begintijd werkte ik zoveel mogelijk samen met ervaren documentaire camera- en geluidsmensen (zoals Wiro Felix, Jaap Veldhoen, Hens van Rooy en Frenk van der Sterre) om van hen het nodige te leren. Ook volgde ik masterclasses bij regisseurs van documentaires zoals Werner Herzog, Errol Morris, Suzanne Raes en Bram van Splunteren. Inmiddels heb ik meer dan 100 films gemaakt.  

Mijn werkterrein is breed: van gezondheidszorg, kunst en cultuur tot ondernemerschap, duurzaamheid en wijn.  

​De afgelopen jaren zijn de toepassingen van video enorm toegenomen. Door de verschillende sociale mediakanalen zijn er veel meer manieren om (beeld-) verhalen te vertellen. Ik volg de ontwikkelingen hierin op de voet. De combinatie van mijn ervaring als filmmaker met de inzet van diverse monitoring tools, maakt dat ik kan adviseren wat wél en niet effectief is bij het gebruik van film in contentmarketing en communicatie.

 

Mijn interesse gaat vooral uit naar het verbeelden van nog niet vertelde verhalen. Ik dompel me graag onder in de nieuwe wereld van mensen en hun verhalen om deze van binnenuit te leren kennen. Zo blijf ik dicht bij mensen.